Nieuw virus bij herkauwers: wat betekent dit voor schapenhouders?


Sinds deze zomer wordt in verschillende Europese landen een nieuw virus aangetoond bij herkauwers: het European Shamondavirus (SHAV), dat verwant is aan het schmallenbergvirus. Inmiddels is duidelijk dat ook schapen gevoelig zijn voor infectie. In Frankrijk zijn lammeren met aangeboren afwijkingen gevonden waarbij het virus is aangetoond. Daarmee is het virus ook relevant voor de Nederlandse schapenhouderij.

Het virus werd begin augustus voor het eerst gemeld door het Duitse Friedrich-Loeffler-Institut (FLI), nadat bij runderen met koorts, diarree en een daling van de melkproductie een nog onbekend virus uit de Simbu-serogroep was aangetoond. Inmiddels is het virus vastgesteld bij runderen in Duitsland, Zwitserland, Frankrijk en Nederland. Uit nader onderzoek blijkt dat in Europa ten minste twee genetisch verschillende varianten circuleren (SHAV-EU1 en SHAV-EU2). Ook bij paarden met zenuwverschijnselen is het virus recent aangetoond.

Overdracht en ziekteverschijnselen
Net als het schmallenbergvirus wordt SHAV overgedragen door knutten, die vooral van het voorjaar tot het najaar actief zijn. Welke ziekteverschijnselen SHAV bij schapen veroorzaakt, is nog niet volledig bekend. Het virus is in Frankrijk wel aangetoond bij lammeren met aangeboren afwijkingen, maar of het virus ook de oorzaak van die afwijkingen is, staat nog niet vast.

Bij het schmallenbergvirus kan een infectie tijdens een gevoelige fase van de dracht leiden tot embryonale sterfte, doodgeboorte en aangeboren afwijkingen bij lammeren. Of en in welke mate SHAV vergelijkbare problemen veroorzaakt, moet nog verder worden onderzocht.

Wat kunt u doen?
Met het oog op het komende aflammerseizoen is extra alertheid gewenst. Let vooral op abortussen, doodgeboren lammeren en lammeren met aangeboren afwijkingen. Deze verschijnselen kunnen belangrijke signalen zijn voor de monitoring van het virus.

Omdat het virus door knutten wordt overgedragen, speelt ook het moment van de dekperiode mogelijk een rol. Waar dit binnen de bedrijfsvoering past, kunt u overwegen de dekperiode pas tegen het einde van het knuttenseizoen te laten beginnen. Zo kunt u de kans op blootstelling tijdens de vroege dracht mogelijk beperken.

Er zijn op dit moment geen aanwijzingen dat SHAV een risico vormt voor de mens. Het RIVM is van plan dit nader te onderzoeken.

Melden bij de GD
De GD volgt de ontwikkelingen rond dit nieuwe virus nauwlettend, samen met deskundigen uit andere Europese landen. Heeft u te maken met abortussen, doodgeboren lammeren of aangeboren afwijkingen? Meld dit dan bij de GD, ook als de oorzaak nog onbekend is. Uw melding helpt om de mogelijke gevolgen van dit nieuwe virus voor de Nederlandse schapenhouderij op tijd in beeld te brengen.

De GD Veekijker is op werkdagen bereikbaar tussen 15.00 en 17.00 uur via 0900 710 00 00.

Tekst: René van den Brom en Eveline Dijkstra (beiden Europees specialist gezondheidszorg kleine herkauwers), licht bewerkt door Platform KSG.